![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Een veilige havenVan eiland tot eiland De inwoners zijn zeer eenvoudig, en wegens goede zeden en braafheid geacht, ofschoon de meesten thans in verarmden toestand verkeeren, ten gevolge van verminderde welvaart en rampen. Het grootste aaneengesloten natuurgebied in West-Europa strekt zich uit van Den Helder in Nederland tot voorbij Esbjerg in Denemarken. Het Nederlandse deel bestaat niet alleen uit de Waddenzee, maar ook de kuststrook en de vijf eilanden Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog maken er deel van uit. Het gebied bestrijkt 30% van de Nederlandse, 60% van de Duitse en 20% van de Deense kust. In totaal liggen in dit gebied zo'n 50 eilanden en grote hooggelegen zandplaten. De grootte van de eilanden wordt bepaald door het getij en de sterkte van de stroming. In Nederland is het verschil tussen hoog en laagwater minder groot dan in Duitsland en Denemarken. De kracht van de vloedgolf is hier ook kleiner, de Nederlandse eilanden hebben dus minder te verduren dan die van onze Oosterburen. Dit is duidelijk zichtbaar aan de grote van de eilanden. In het verre Oosten moet er per getij meer water in- en uitstromen dan in het westen. Tussen de Waddeneilanden worden de zeegaten naarmate men oostelijker komt steeds groter en de eilanden steeds kleiner. Texel is het grootst en in de Duitse Bocht zijn vrijwel geen eilanden aanwezig. Wat is er mis met ons? Vanwaar de drang nu al vaarwel te zeggen tegen de totale rust, de schoonheid en de duisternis? Waarom willen we ‘ergens aankomen’ en is het hebben van een doel zo belangrijk? Die sterke behoefte aan beschutting en een terrasje, buren, bossen en vreemde mensen, waar komt dat ineens vandaan? Drie dagen zijn we aan het scharrelen op het Wad en we voelen nu alweer de drang ‘echt’ land onder de voeten te hebben. Op het Wad liggen gelukkig een aantal prachtige parels die onze behoeftes kunnen bevredigen. Mogelijkheden te over, ieder eiland heeft zijn eigen specifieke karakter. Eén ding hebben ze gemeen ….. Op de ruige omgeving van het Wad zijn zij onze veilige haven. Niet alleen voor storm en onweder maar ook voor onze innerlijke gemoedstoestand bieden ze een geborgen aanlegplaats. Schelling (Ter-) Eiland ten Noorden van de Zuiderzee. Het ligt op ruim 53o Noorderbreedte en ruim 22o Oosterlengte, 1 1/2 uur noordoost van Vlieland, 2 uur ten westen van Ameland en 5 uur noordwest van den vasten wal der provincie Friesland. Het wordt verdeeld in Ooster-Schelling en Wester-Schelling, welke ieder hunne bijzondere regtbank hebben. Aan de noordzijde der duinen is een breed strand, waarop vele schepen verongelukken. Die van Ter-Schelling beweren dat zij, volgens oude herkomsten, een vrijplaats voor misdadigers hebben op hun eiland. Oorspronkelijk was Terschelling slechts een vrij kale zandhoop. Terschelling wordt in de Romeinse tijd al genoemd; Wexalia is dan haar naam. Later krijgt het dorp en het eiland de naam van de zandplaat ‘De Schelling’. In de loop der jaren is de naam van het dorp geleidelijk veranderd van Westeinde, West-Schelling, naar West-Terschelling. Ook is het dorp vroeger vernoemd geweest naar Sint Brandarius, de heilige van de branden. Tijdens de Tweede Engelse Oorlog wordt het dorp door een inval van de Engelse vloot vrijwel volledig platgebrand. De aanvoerder van de Engelse vloot, Robert Holmes, vermeldde "a town called Brandaris" verbrand te hebben. Tot in de zeventiende eeuw wordt het dorp kortweg Brandaris genoemd, een naam die nu bij ons bekend is als de vuurtoren van het dorp. Met de opkomst van de Zuiderzeehavens groeit het belang van het Vlie als zeestraat naar de Noordzee. Kampen laat daarom rond 1323 een baken bouwen aan een natuurlijke baai nabij het huidige West-Terschelling. Dit baken wordt later een vuurtoren. Pas in 1826 kan een echte haven worden aangelegd en werd Terschelling vestigingsplaats voor het Loodswezen, de Kustwacht, de Vaarmarkeringsdienst en de zeevaartschool Willem Barentsz. We kunnen het ons haast niet voorstellen maar omstreeks 1850 wordt de haven gebruikt door 26 buitenschepen, 22 rijksvaartuigen, 60 binnenschippers en maar liefst 414 vissersvaartuigen. De Dellewalbaai, de enige natuurlijke baai van Nederland, beschutte deze 522 schepen tegen storm en slecht weer. De haven ligt aan het diepe Schuitengat, dat naar het oosten verder gaat als Oosterom. Tegenover de haveningang ligt de groene lichtboei SG 15. Voor de haveningang staat gedurende een groot deel van het getij een dwarsstroom. Vergis je niet: de dwarsstroom kan erg verraderlijk zijn! Als je nu op een van de havenhoofden wordt gezet dan ben je zeker niet de eerste! Het begin van de haven ligt tussen twee dammen, de oostelijke dam loopt door tot vlak voor het einde van de haven en loopt bij hoog water onder. Het opkomende water stroomt met een aanzienlijke snelheid langs deze dam en voedt het Oostelijk Ras. Bij eb stroomt deze via de haven weer leeg; hierdoor blijft de haven ‘kunstmatig’ op diepte en spoelt de haven regelmatig lekker schoon. Door de beschutting van de haven is bij westelijke en noordelijke wind moeilijk te zien wat voor een weer het ‘buiten’ is. Texel en Eierland De rede van Texel ligt vol schepen. Kleine bootjes varen heen en weer met vaten drinkwater afkomstig uit de putten bij de boerderij Brakestein. Het water van Texel is favoriet, het is ijzerrijk en staat bekend om zijn lange houdbaarheid. De putten worden de Wezenputten genoemd, de opbrengst van de waterverkoop gaat naar het weeshuis. Al in de Midden Steentijd zijn er enkele nederzettingen op Texel. Pas rond 1300 worden dammen en dijken aangelegd waardoor polders ontstaan die “cooghen” worden genoemd, wat terug te vinden is in plaatsnamen zoals De Koog. Begin 1600 is Eierland een zelfstandig eiland, het maakt nog geen deel uit van Texel. Provinciale Staten verpacht het eiland Eierland aan de 'kastelein'. Deze beheerd het station voor de postverbinding van Texel naar Vlieland. Hij is naast kastelein ook strandjutter en verleend onderdak aan schipbreukelingen. Eierland dankt haar naam aan de grote hoeveelheden (meeuwen)eieren die de kastelein verzamelt en verhandeld. Omstreeks 1630 wordt een begin gemaakt met het plaatsen van rietschermen en het planten van helmgras. De duinen komen tot ontwikkeling en het eiland Eijerland groeit aan Texel vast. Schepen die vanuit plaatsen aan de Zuiderzee vertrekken, gaan op de rede van Texel voor anker om water in te nemen en bij gunstige wind uit te varen naar Frankrijk, Spanje, Portugal en later ook Oostindië. Dit brengt veel werkgelegenheid op het eiland. Er zijn bijvoorbeeld veel loodsen nodig om de schepen veilig door het Moddergat langs de zuidpunt te leiden. Later wordt ook de walvisvaart en de visvangst een belangrijke bron van inkomsten. Ook nu is de haven van Oudeschild het centrum van veel activiteiten. Het heeft een vloot van ongeveer dertig Noordzeekotters en aantal kleinere kotters voor de garnalenvisserij op de Waddenzee. Kom je vanuit het Oosten op Oude Schild af dan zie je al gauw de vier windmolens. Iets ten zuiden van deze molens ligt de haveningang. Deze is vrij smal en er loopt een groot deel van het tij een sterke dwars stroom voorlangs. In tegenstelling tot de haven van Terschelling is er in de haven geen of nauwelijks een eb- of vloedstroom te verwachten. Stuurboord uit, achter in de haven vind je de jachthaven. Met een stevige westelijke wind vanuit Harlingen of Vlieland richting Oude Schild varen is relatief rustig in de beschutting van het Wad. Aan het eind van de reis, met de haven in zicht, kan het nog flink onstuimig worden. Op de Texelstroom spookt het dan behoorlijk, hoge rollers en diepe kuilen zijn bij deze windrichtingen geen uitzondering. Stroom tegen wind bouwt steile golven van wel twee meter hoog. Vlieland Het eiland, het ligt 1/2 uur te Noordoosten van Texel, 1 1/2 uur Zuidwest van Ter-Schelling. Naast de plaats, waar vroeger een steenkolenvuur brandde, staat thans, sedert 1836, een lichttoren van de tweede grootte; hetwelk staat op 53o 17' 48'' Noorderbreedte en 22o 43' 23'' Oosterlengte. De luchtgesteldheid is er zeer gezond, zodat men er onder de loodsen vele oude lieden vindt, die zich kenmerken door een grotere vlugheid, dan men gewoonlijk van hunne leeftijd verwacht. De grootste vijand van Oost-Vlieland is het zand, dat vooral 's winters het dorp binnenstuift. Rond de vorige eeuwwisseling wordt de toestand onhoudbaar. Voor het symbolische bedrag van fl 1,- verkoopt de gemeente haar woeste grond aan Staatsbosbeheer, die voor dit bedrag de zorg op zich neemt. Op het boomloze eiland wordt tussen de beide Wereldoorlogen in een brede bosgordel aangelegd rond om het dorp. Tot op de dag van vandaag is nagenoeg alle grond buiten de dorpskom eigendom van Staatsbosbeheer. In het eeuwig gevecht tegen de zee wordt in 1825 de Waddendijk aangelegd. Deze dijk is echter te laag en het water spoelt er overheen Oost-Vlieland binnen. Toch worden er pas eind 19e eeuw nieuwe dammen gebouwd, deze worden met de hand tijdens laagwater gemaakt. Zo begint de slag tegen de sterke ebstroom om strandafslag te voorkomen. In 1921 overweegt de provincie Noord-Holland om vanwege de hoge kosten van de kustbescherming en daarentegen het lage inwoner aantal het eiland Vlieland te ontruimen. Rijkswaterstaat verzet zich hiertegen omdat voor de werkzaamheden op het eiland mensen nodig zijn. << Vorige | Overzicht | Volgende >> |
Vlieland heeft slechts één dorp: Oost-Vlieland. Toch is het bij veel mensen niet bekend dat er in vroeger tijden nog een tweede dorp heeft bestaan. Dat dorp, West-Vlieland, is geheel door de zee verzwolgen. Waar nu de golven van de Noordzee rollen, een eind ten noordwesten van de westpunt van de Vliehors, is de plaats waar het dorp gelegen heeft. In West-Vlieland staat een school, een molen, een armenhuis en wel 400 huizen. In 1700 zijn dit er nog 150 en in 1712 nog maar 100. De woningen verkeren al in een bouwvallige staat en worden nog slechts door de armste bevolking bewoond. In 1714 wordt haar lot bezegelt. Tijdens de februaristormen van dat jaar rolt de zee het dorp binnen en de kerk en een groot deel van het restje huizen worden weggevaagd. Met hulp van Oost-Vlieland wordt een laatste poging ondernomen West-Vlieland te redden. In 1736 tenslotte worden de laatste twee huizen ontruimd; de predikant en het laatste gezin verhuizen naar Oost-Vlieland. De haven van Vlieland ligt op de zuidoostpunt aan de Vliesloot en is bij ieder tij te bereiken. De haven ligt prachtig tussen de duinen. Echter, schoonheid heeft zijn prijs. Voor vele schippers is de invaart van de haven van Vlieland een reden om de nacht van te voren slecht te slapen. De beruchte dwarsstroom voor de haven bestaat niet alleen uit de normale getijstroom maar er vormt zich door de ligging van het havenhoofd ook een legendarische ‘neer’. Op half tij zorgen tegengestelde wervelende stromingen dan voor een heftige maalstroom. Hoe langer het schip is hoe moeilijker het wordt. Tijdens de invaart zit de kop van het schip al in de neer en de kont nog in de eb- of vloedstroom. Het schip onder controle houden vergt grote concentratie en op het juiste moment wel of geen gas durven geven is een vingerspitzen gevoel. Zowel aan stuur als aan bakboord staan ter bescherming van de beschoeiing houten palen. Het duidelijk te zien dat deze palen nog wel eens een klap opvangen. Tijdens halftij de haven geruisloos binnenvaren is een applausje waard! Ameland Het eiland ligt op ruim 53o Noorderbreedte, en 24o Oosterlengte, ongeveer 3 uur ten Noorden van de Friesche kust, ten naastenbij 2 uur Oost van het eiland Terschelling en ongeveer 3 uur West van Schiermonnikoog. De oorsprong van het wapen van Ameland is niet geheel duidelijk. Volgens een volksverhaal zouden de schuine zwarte strepen balken voorstellen, die Amelanders op Terschelling geroofd hebben om er een galg van te maken. De eerste bewoners van het eiland zijn nomaden. Zij houden zich bezig met het houden van vee, jagen, vissen en verzamelen van bessen en kruiden. Vanaf de Middeleeuwen ontstaan op de hoogzandgronden kleine nederzettingen. De duinen beschermen de inwoners meestal tegen stormvloeden. De eerste vermelding van Ameland is van in de 8ste eeuw. Het maakt dan deel van het graafschap Holland. Midden 1400 verklaart de Heer van Ameland zich een 'Vrije Heer.' Nadat mensen zich permanent op Ameland vestigen ontstaan kleine boerenbedrijfjes. In de 17de en 18de eeuw dient zich echter een nieuwe bron van inkomsten aan; de walvisvaart. Tussen maart en mei beginnen grote zeilschepen aan hun tocht naar Spitsbergen. Deze zware tocht is zeer gevaarlijk en loopt niet altijd goed af. Momenteel werkt er, voor zo ver wij weten, op Ameland niemand meer in de Walvisvaart. De inwoners hebben zich vooral gericht op de landbouw, visserij en veehouderij. Momenteel is vooral deze laatste sector goed vertegenwoordigd op het eiland met 110 rundveebedrijven en 70.000 schapen. Het lijkt zo'n logisch plan, Ameland middels een dam te verbinden met de vaste wal. Met de huidige ideeën rond het milieu ondenkbaar, toch zijn er in vroegere jaren wel degelijk serieuze plannen geweest een dergelijke dam te bouwen. In 1872 is het zover, er wordt op initiatief van de "Maatschappij tot Landaanwinning op de Friese Wadden" over het wantij een dam aangelegd tussen Buren en Holwerd. Deze dam heeft 9 jaren stand gehouden, op 4 oktober 1881 wordt in één stormnacht de dijk weggeslagen.De dam is met eb nog steeds deels te zien. Vanaf het Molengat leidt een brede prikkengeul ons naar de Nieuwe Veersteiger. De geul buigt om de kop van de dam naar het noorden en loopt verder naar de Oude Veerdam. De invaart is simpel, alleen bij grote drukte is het lastig manoeuvreren. De haven valt niet droog en is bij ieder tij te bereiken. De kom ligt eigenlijk buiten het eiland in de Waddenzee. De wind heeft vrij spel en je ligt er behoorlijk onbeschut. Schuilen voor de storm zorgt zeker op Ameland voor vele nieuwe vrienden. Samen spinnenwebben van trossen construeren geeft het gevoel van verbroedering en is bij stevige wind zeker geen overbodige luxe. Schiermonnikoog Het eiland het ligt op 53o 28' 47'' Noorderbreedte, 23o 29' 33'' Oosterlengte 1 1/2 uu ten Noorden van de Friesche kust, ongeveer 3 uur Oost van Ameland en 3 uur Noordwest van de provincie Groningen. Op 1 Januarij 1845 waren er 33 zeeschepen, meest smakken en tjalken, voor de vaart aanwezig. De inwoners zijn zeer eenvoudig, en wegens goede zeden en braafheid geacht, ofschoon de meesten thans in verarmden toestand verkeeren, ten gevolge van verminderde welvaart en rampen. Voor 1300 is er niets met duidelijkheid te zeggen over het eiland. Schiermonnikoog dankt zijn naam aan de vroegere monniken die op het eiland woonden. De oudste bewoners van het eiland zijn de broeders van het Cisterciënzer klooster Klaarkamp in Friesland. De monniken droegen grauwe pijen en schier betekend grauw. Oog betekend eiland. Eind 1500 wordt het eiland onteigend en komt in handen van de Staten van Friesland die het op haar beurt om financiële redenen weer doorverkoopt aan een adellijke familie. In 1872 krijgt het eiland een zeevaartschool. Veel eilandbewoners gaan naar deze school om kapitein of stuurman te worden in de koopvaardij. Ze blijven niet op Schiermonnikoog wonen maar verhuizen naar de grote havensteden. De bevolking reduceert om deze reden van 1000 naar 600 inwoners. Het einde van De Zeevaartschool komt in 1934. Het strand van Schiermonnikoog is een van de breedste stranden van Europa en het breedste van alle Nederlandse waddeneilanden. Omdat de zee ten noorden van Schiermonnikoog niet zo diep is groeien er regelmatig zandbanken aan het eiland vast. Tot begin 1900 gaat de postboot op het Wad voor anker en worden de passagiers met paard en wagen van en naar de boot gebracht. Pas in de tweede helft van de 20e eeuw wordt de eerste aanlegdam aangelegd. De haven bereik je via de Siegewal, een grillig geultje, wat met prikjes wordt aangegeven. De rode en groene plakkertjes op de prikjes helpen ons de weg te vinden. Een zoeklicht en een goed stel ogen komen hier zeker van pas. Het is al donker en we varen stapvoets door de reegeul richting haven. De atmosfeer is bijzonder; vele tientallen ankerlampjes dansen in de lichte bries. De geur van petroleum bereikt onze neuzen. De haven van Schiermonnikoog valt helemaal droog en is voor ons met 1,30 m diepgang alleen maar rond hoog water te bereiken, bij een normaal gemiddeld tij. Het eiland bezoeken en toch lekker alleen liggen is goed mogelijk, oostelijk van de haven is het prima droogvallen De veilig haven Op de binnenwateren en op het IJsselmeer kun je eigenlijk ieder moment van de dag aankomen of vertrekken. In een getijhaven is dit van meerdere factoren afhankelijk. Op de Waddenzee is het heel belangrijk om vóór vertrek al rekening te houden met wat je bij de haven van aankomst staat te wachten. Alle havens hebben één ding gemeen; het zijn allemaal getijhaven. Met de volgende zaken zul je rekening moeten houden. - Is deze haven op ieder getij(stip) te bereiken. - Wanneer stroomt het nog te hard om de haven binnen te varen. - Valt de haven droog en is het schip daar wel voor geschikt - Hoe laat staat er nog voldoende water om de haven binnen te lopen. - Ben ik voorbereid om met de haven in zicht alsnog te stranden. - Heeft de haven een drijvende steiger of kom ik aan de wal te liggen. In dit geval zijn lange trossen van belang. - Hoe laat kan ik morgen weer vertrekken, past dit in de planning. Om de veilige haven op de Waddenzee te bereiken is goed plannen en vooruitdenken van het grootste belang. Klipper Isis TagsAmeland
Over Klipper Isis
Trouwen op een boot, Trouwen op het Wad
'Waddengoud'
De mogelijkheden
Bedrijfsuitje zeilen
'Waddengoud'
Naturistenreis over de Waddenzee
Zelf een zeilreis samenstellen
Zeilkleding
bedrijfsuitje 123
Zeilkleding
cadeaureis voor families
Praktische informatie
'Waddengoud'
Contact formulier
waarschuwing voor de scheepvaart
Tijd voor getij
De schepen
Koninginnedag Franeker
2 daags bedrijfsuitje zeilen
Weekend zeilen naar Terschelling
Privacy Statement
Natuur weekend
Wadnavigatie
Wadvaarbewijs I
texel
Veelgestelde Vragen
Brandarisrace
'Waddengoud'
Het schip
Zelf een zeilreis samenstellen
Oneindig droogvallen
Communicatie Plus
Gegevens NL
Extra activiteiten
Workshop Teambuilding
Zand, zoutwater en wat prut
Naturistenreizen
Veranderingsmanagement
'Waddengoud'
'Waddengoud'
'Waddengoud'
Uw bemanning
Zeilen en schilderen
Geef een wadvaartraining cadeau!
Teameffectiviteit
Onze trouwlocaties
'Waddengoud'
Zeilreis Boeken Hoofd
|
|
![]() |
![]() |
![]() |